Wat is democratie?
Democratie is een beslissingsmethode die handig kan zijn voor een groep mensen die een gezamenlijk belang nastreven. Zo kunnen bijvoorbeeld een aantal mensen die in tennis geïnteresseerd zijn bij elkaar komen om een tennisvereniging op te starten en afspreken dat ze allemaal contributie voor de vereniging betalen. De leden kunnen afspreken dat ze beslissingen over besteding van de contributie democratisch zullen nemen. Dat betekent dat als de leden het niet unaniem eens zijn over een bepaalde beslissing, dat dan de mogelijkheid waar de meerderheid voor gestemd heeft wordt uitgevoerd. Ook al kan niet iedereen altijd z’n zin hebben, de tennisclub zal voor alle leden voordelig zijn, omdat het tennisactiviteiten mogelijk maakt waar tenslotte alle leden in geïnteresseerd zijn.
Het wordt echter iets geheel anders als we het het gaan hebben over democratie als beslissingsmethode voor het beleid van de overheid. Er zijn twee fundamentele verschillen met de tennisvereniging. Ten eerste is het lidmaatschap niet vrijwillig en ben je niet vrij uit de club te stappen als het je niet meer bevalt. Als het beleid van de tennisvereniging je niet bevalt kun je je lidmaatschap opzeggen, stoppen met contributie te betalen en eventueel een andere vereniging opzoeken. Als het beleid van de overheid je niet bevalt kun je niet je lidmaatschap van de overheid opzeggen, maar moet je je toch blijven houden aan alle regelingen van de overheid en contributie (belasting) blijven betalen. De enige mogelijkheid om uit de club van de overheid te stappen is emigratie. Maar het blijft een verschil met de tennisvereniging dat je wel uit een tennisclub kan stappen zonder dat je daarvoor hoeft te verhuizen. En zelfs als je emigreert, dan ben je nog verplicht lid van een andere overheid die je misschien niet bevalt.
Een tweede verschil met de tennisvereniging is dat er geen gezamenlijk belang is. Bij de tennisvereniging streven alle leden de mogelijkheid om te kunnen tennissen na. Wat de overheid betreft is er niets concreets wat we allemaal nastreven. Als de overheid wegen bouwt, dan gaat het om het belang van de mensen die veel mogelijheden willen om te kunnen rijden, maar het is niet het belang van de mensen die daar geen interesse in hebben. Als de overheid kunst subsidieert gaat het om het belang van de mensen die geïnteresseerd zijn in die specifieke vormen van kunst die de overheid subsidieert, maar het is niet het belang van de mensen die geïnteresseerd zijn in andere vormen van kunst of die niet geïnteresseerd zijn in kunst. Het algemeen belang bestaat niet en als men over het algemeen belang praat, praat men slechts over het belang van een bepaalde groep, niet het belang van iedereen. Hoogstens zou je kunnen zeggen dat iedereen het doel nastreeft om goed te kunnen leven. Maar dat doel is nog zo vaag, dat het geen basis kan vormen voor een beleid in ieders belang, omdat iedereen iets anders verstaat onder een goed leven.
Een alternatief voor democratie? Een aanwijzing hiervoor kunnen we vinden door te kijken naar het verschijnsel tennisverenigingen. De democratie is te vergelijken met het systeem dat ieder een verplicht lid zou van een grote tennisvereniging voor heel Nederland die democratisch bestuurd wordt en aan wie een ieder contributie moet betalen. De vereniging organiseert dan allerlei tennisprojecten voor iedereen waaraan ook iedereen onder dwang moet mee betalen. Maar we hoeven toch niet allemaal hetzelfde te doen? Elke meerderheid kan doen wat ze wil zonder een minderheid tot last te zijn en elke minderheid kan ook doen wat ze wil zonder een andere groep tot last te zijn. Het huidige systeem, waarbij er niet één maar vele tennisverenigingen in het land zijn en waarvan het lidmaatschap vrijwillig is, is voordeliger. Er is diversiteit en iedereen kan kiezen om lid te worden van een vereniging die hem/haar het meeste aan aanspreekt of kiezen van geen enkele tennisvereniging lid te worden. En daar waar een nieuwe behoefte ontstaat kunnen mensen het initiatief nemen om een nieuwe tennisvereniging op te starten. Ook alle andere activiteiten en voorzieningen die de overheid nu centraal en uniform regelt en waar iedereen aan mee moet doen zouden op basis van vrijwiligheid geregeld kunnen worden, naar analogie van het systeem van tennisverenigingen.
Wat is vrijheid?
Vrijheid verwijst naar een toestand waarin individuen rechten hebben op basis waarvan ze een bepaalde bewegingsvrijheid hebben, waarbinnen ze zelf mogen kiezen wat ze doen: bijvoorbeeld vrij hun mening uiten, zelf kiezen waar ze willen werken, kiezen hoe ze hun salaris besteden. Nog niet iedereen is het erover eens welke vrijheden mensen precies zouden moeten hebben en wat de grens vormt tussen de vrijheid van de een en de vrijheid van de ander. Een mogelijke grondregel zou kunnen zijn: Iedereen is vrij om te doen en laten wat hij/zij wil, zolang hij/zij daarmee niet een ander vreedzaam persoon schade toebrengt (bijvoorbeeld door diefstal, mishandeling, milieuvervuiling).
Vrijheid en democratie
Vaak worden vrijheid en democratie met elkaar in verband gebracht. Tijdens de omwenteling in Oost-Europa werden bijvoorbeeld leuzen geroepen waarin men vrijheid en democratie eiste. Is er een relatie tussen vrijheid en democratie? Vrijheid gaat over de toestand dat individuen bepaalde dingen mogen doen, zonder daarin door anderen beperkt te worden. Democratie gaat over de manier waarop de wetten van de overheid tot stand komen. Vrijheid en democratie betekenen dus zeker niet hetzelfde. Vrijheid betekent dat er zodanige wetten zijn dat een ieder vrij is en democratie betekent dat wetten tot stand komen op basis van “de meerderheid beslist”. Het feit dat er in een bepaald gebied democratie heerst zegt er nog niets over of de mensen in dat gebied vrijheid hebben. Er kan binnen een democratie een bepaald mate van vrijheid zijn, omdat genoeg mensen daarvoor gestemd hebben. Maar als genoeg mensen daarvoor stemmen kunnen er ook bepaalde vrijheden worden ingeperkt door middel van wetten. Geen enkele vrijheid wordt gegarandeerd door democratie. Daarom is het nu juist zo dat democratie onverenigbaar is met vrijheid.
Binnen een democratie legt continu een meerderheid haar wil op aan een minderheid, daarbij de vrijheid van die minderheid ontnemend om zelf te beslissen of ze willen meedoen aan het beleid van die meerderheid. De democratie, net als elke andere vorm van dicatatuur, leidt ertoe dat de ene mens over de andere regeert in plaats van dat iedereen in vrijheid over zijn/haar eigen leven mag beschikken. Het stemrecht binnen een democratie is om twee redenen niet een vrijheid. Ten eerste gaat het niet om vrijheid om over je eigen leven te beslissen, maar om vrijheid om mee te beslissen over alle anderen. Ten tweede oefen je met jouw ene stem geen zeggenschap uit over het beleid van de overheid, omdat je stem verdwijnt in een zee van miljoenen stemmen en dus een verwaarloosbare invloed heeft.
Democratie wordt verward met vrijheid door een verkeerd gebruik van de taal. Men zegt dat democratie betekent dat het volk zichzelf regeert. Door deze zinconstructie lijkt het alsof er sprake is van vrijheid, omdat het gaat over zichzelf regeren – de suggestie is dat het volk vrij is. Maar vrijheid kan niet bestaan voor het volk als collectief wezen. Het volk als geheel kan niet vrij zijn en keuzes maken, omdat er geen gezamenlijk “volksverstand” bestaat. Alleen individuen hebben een verstand en kunnen kiezen en vrijheid bezitten. Democratie kan niet betekenen dat een homogeen volk zichzelf regeert, maar kan slechts betekenen dat continu sommige leden van het volk over het doen en laten van andere leden van het volk mogen meebeslissen.
Als er in een bepaald gebied democratie ontstaat, hoor je vaak zeggen dat dat betekent dat het daar wonende volk zelfbeschikkingsrecht verkrijgt. Maar dat is een waanzinnige zinsconstructie. Als er democratisch een beslissing wordt genomen, betekent het niet dat het volk als geheel vrij die beslissing neemt. Die beslissing is niet de keuze van een gezamenlijk verstand van het volk, maar slechts de uitkomst van een beslissingsmethode. Men kan pas praten over zelfbeschikking voor een volk, niet als men daarmee de beslissingsmethode democratie bedoelt, maar als men daarmee bedoelt dat alle leden van dat volk als individuen vrije keuzes over hun eigen leven kunnen maken.
Democratie en recht
Democratie is in onze tijd een nieuw heiligdom dat door velen vereerd wordt. Maar wat is er zo rechtvaardig aan democratie? Democratie heeft tot gevolg dat men een actie als moreel aanvaardt als er genoeg mensen voor stemmen. Een wet zou rechtvaardig zijn, niet omdat die gebaseerd is op een fundamenteel rechtsbeginsel, maar omdat een aantal mensen ervoor gestemd hebben. Zouden moord en verkrachting ook rechtvaardig worden als er democratisch een wet wordt aangenomen die dat goedkeurt? En als democratie dan werkelijk de juiste maatstaf zou zijn voor hoe mensen binnen een maatschappij met elkaar om behoren te gaan, waarom wordt het dan niet consequent toegepast? Als je op straat wandelt en je komt twee dieven tegen die erover willen stemmen of ze van jou belasting mogen heffen en jij stemt tegen en zij stemmen alletwee voor, mogen ze je dan bestelen? Als je het democratische principe consequent zou toepassen zou het antwoord ja zijn.
Democratie en woordgebruik
door Rob van Glabbeek
democracy: Government by the people; that form of government in which the sovereign power resides in the people as a whole, and is exercised either directly by them (as in the small republics of antiquity) or by officers elected by them. [Oxford English Dictionary].
Democratie betekent heerschappy van het volk. Nu bestaat het “volk” uit vele individuen, die allemaal een verschillende opvatting (kunnen) hebben over hoe er geregeerd moet worden. Het trefwoord “democratie” volstaat niet om aan te geven hoe een beslissing wordt genomen. Hier is een preciezere procedurebeschrijving noodzakelijk. De meest gangbare interpretatie van democratie is dat de meerderheid van het volk beslist. Dit is de vorm van democratie die ik hieronder zal bespeken. Er zijn talrijke variaties op deze interpretatie mogelijk, zoals de parlementaire democratie die tegenwoordig in veel westerse landen wordt uitgeoefend. De bezwaren tegen de heerschappij van de meerderheid die ik aanstonds zal noemen gelden ook voor al die varianten. Bovendien hebben de bestaande parlementaire democratieën een groot aantal andere nadelen die ik hier niet zal bespreken. Sommige mensen classificeren een staatsvorm waarin iedereen over zijn eigen zaken beslist, en niet over die van een ander, ook als democratisch. In het licht van het algemeen gangbare taalgebruik en de geciteerde definitie, neem ik deze terminologie niet over. Een dergelijke “staatsvorm” is libertarisch en niet democratisch.
De overgrote meerderheid van de mensheid is overtuigd van de morele superioriteit van democratie. Niet alleen menen zij dat democratie een staatsvorm is die te verkiezen is boven alle anderen (lees dictatuur); nee, democratie staat voor hen boven ieder argument aangaande goed en kwaad. Zo kan het bijvoorbeeld voorkomen dat de meerderheid van mijn landgenoten beslist dat het niet toegestaan is schrijfwaren te verkopen zonder middenstandsdiploma. Dan kan ik in een discussie aanvoeren dat deze maatregel onjuist is, dat niemand er beter van wordt (behalve de bezitters van en handelaren in middenstandsdiploma’s natuurlijk), dat veel mensen slechter af zijn door zo’n maatregel, enz. Het is dan best mogelijk dat mijn democratische opponent in het debat zegt: “OK, je heb misschien wel gelijk, deze maatregel is contraproductief, laten we stemmen voor intrekking van dit gebod. Maar vooralsnog zal je geen schrijfgerei kunnen verkopen, want we hebben er met z’n allen democratisch voor gekozen om dat te verbieden”. En zuivere democraten beschouwen dat als het laatste woord over de questie, want aan de wil van de meerderheid kan niet worden getornd. Mijn redenering is echter, dat als we hebben vastgesteld dat een middenstandsdiploma niet nodig is, en iedereen (behalve als boven) er beter van wordt als ik schrijfwaren verkoop zonder diploma, dat ik dat dan toch correct handel, ongeacht de misplaatste opvattingen die de meerderheid over deze aangelegenheid mag koesteren. Het enige waar ik voor op moet passen is dat de agenten van de meerderheid mij niet in moeilijkheden brengen. Dit is uiteraard een fundamenteel antidemocratische stellingname.
Opmerkelijk is dat het democratische dogma zich beperkt tot regeringsaangelegenheden op allerlei niveau’s. We zouden natuurlijk ook de wetenschap kunnen democratiseren: als de meerderheid van de kinderen in een klas meent dat de zon en de maan even groot zijn, moet de leraar zich realiseren dat dat daarom ook zo is. Maar kennelijk zien de meeste mensen in dat iets niet waar hoeft te zijn omdat de meerderheid dat vind, terwijl ze niet accepteren dat de meerderheid onacceptabele beslissingen kan nemen. Even opmerkelijk is de keuze van het niveau waarop democratische beslissingen genomen worden. Radicale democraten willen de democratie ook toepassen binnen een onderneming, school, gezin, cafe, enz. Maar kennelijk leent het concept zich niet voor toepassing bij iedere aangelegenheid waar een welbepaalde groep mensen bij betrokken is. Zo kan het voorkomen dat in het speelkwatier Jantje door Pietje in elkaar geslagen wordt, omdat Pietje het oneens is met de kleur haar van Jantje. Pietjes onderwijzeres zal hem dan bestraffend toespreken omdat hij agressie heeft uitgeoefend. Maar de volgende dag vindt Pietje vijf vrienden, die het eveneens in overgrote meerderheid oneens zijn met Jantje’s keuze van haarkleur. En dit keer wordt Jantje door zes tegenstanders in elkaar geslagen. Kan Pietje zich nu op de democratie beroepen en stellen dat zijn handelswijze juist was omdat de meerderheid het zo wilde?
Kennelijk vinden democraten dat democratie niet overal moet worden toegepast. Maar waarom zou de meerderheid van een volk zich beter gedragen dan de meerderheid van een willekeurige groep schoolkinderen? Zo heeft de meerderheid van de bevolking van diverse staten in de VS in haar onmetelijke wijsheid ingezien dat sexuele contexten tussen leden van hetzelfde geslacht verkeerd zijn en verboden moeten worden. Betekent dat dat homosexuelen in deze staten zich gedwee bij deze beslissing neer moeten leggen en zich vrijwillig van sex moeten onthouden? Of stel je voor dat een land in Afrika onafhankelijk wordt en democratie invoert. Er zijn twee partijen, de Aongo’s en de Bongo’s, en het voornaamste programmapunt van de Bongo’s is dat de Aongo’s opgegeten moeten worden. Stel dat er 80% Bongo’s zijn en maar 20% Aongo’s, moeten deze zich dan na de verkiezingen vrijwillig ter consumptie aanbieden?
Dit laatste voorbeeld is uiteraard volstrekt uit de lucht gegrepen, maar het dient om zelfs de meest fanatieke democraat te laten inzien dat een grens is aan hoever de wil van de meerderheid moet worden gerespecteerd. Zodra dit punt bereikt is komt de vraag: waar ligt die grens dan? Welke democratisch genomen maatregelen moet je respecteren en welke niet? En waarom? Heeft een meerderheid het recht om samenscholingen van meer dan drie personen te verbieden? Of om te besluiten dat alle jonge vrouwen 14 maanden van hun leven als prostituee moeten doorbrengen? Of om alle jonge mannen 14 maanden te leren vechten? Of om te verbieden dat beeltenissen van de Ayatolla Khomeiny in carnavalsoptochten voorkomen? Of om de verkoop van schrijfwaren zonder middenstandsdiploma te verbieden? En waarom?
Mijn antwoord is dat de wil van de meerderheid geen bron van gezag is. De wapens van de meerderheid zijn natuurlijk wel een bron van gezag. Maar als je de wetten van meerderheid kan ontduiken, zonder jezelf of anderen in gevaar kan brengen, en zonder anderen of hun eigendommen te schaden, kan je dat beter doen.
De functie van de politiek is het reduceren van de diversiteit van individuele doelen tot een stelsel gemeenschappelijke doelen.
David Friedman
De vraag is niet of wij slaaf zijn voor een ‘goed’ doel of voor een ‘slecht’ doel. De vraag is niet dictatuur door een goede bende of door een slechte bende. De vraag is vrijheid of dictatuur.
Ayn Rand
Wilt U dat 16.400.000 Nederlanders aandeelhouder zijn van een 16.400.000/16.400.001-ste gedeelte van uw leven en hierover kunnen beschikken? Of wilt u liever uw eigen leven leiden?
Sjef Roark














